Gebiedsinfo Binnenveldse Hooilanden

Geelkercken 1651

Het Binnenveld, het laaggelegen gebied tussen Veluwe en Utrechtse Heuvelrug, ontstond in de laatste ijstijd. Tot in de late middeleeuwen was het een bijzonder nat en ontoegankelijk gebied waarin onder andere de riviertjes De Grebbe en de Kromme Eem stroomden.

Tussen 1473 en 1481 werd de Grift gegraven onder leiding van de Stichtse (=Utrechtse) Bisschop David van Bourgondië om het gebied te ontginnen voor de turfwinning. Het gebied aan weerszijden van de Grift werd langzamerhand toegankelijker en kreeg een functie als hooiland voor de boeren die hun bedrijf op iets hoger gelegen gronden hadden liggen.

Na de Tweede Wereldoorlog heeft verdere ontginning en ontwatering plaatsgevonden en intensivering van het gebruik als hooi- en weideland. Naast de ontwatering zorgde de bemesting voor een hogere opbrengst voor boeren. De logische consequentie volgde: een grote teruggang in biodiversiteit.

In samenwerking met Staatsbosbeheer en de Coöperatie Binnenveldse Hooilanden is het doel gesteld om “nieuwe” natuur te realiseren door de situatie van vóór 1950 terug te laten keren langs de Grift (of Valleikanaal). Dit in 2019 nieuw gerealiseerde natuurgebied van maar liefst 280 hectare is de Binnenveldse Hooilanden en omvat ook de al bestaande natuurterreinen Bennekomse Meent en Bennekomse Hooilanden. De Bennekomse Meent maakt onderdeel uit van Natura 2000gebied Binnenveld. Het geheel is onderdeel van het Gelders Natuur Netwerk.

Afgraving van de voedselrijke toplaag en tegelijk een waterstand op de hoogte van het maaiveld zorgen voor verarming van de bodem en verrijking van de biodiversiteit. De aanvoer van basisch kwelwater vanuit de Veluwe en Utrechtse Heuvelrug zorgt mede voor een rijke natuur.

Blauwgrasland was van oudsher al wel te vinden in de Bennekomse Meent. Ondanks de kleine omvang is het één van de beste en grootste blauwgraslandgebieden van heel Nederland. Het gezamenlijke beheerplan voorziet in diverse maatregelen om meer blauwgrasland, dotterbloemhooiland en nat schraalland en trilveen te krijgen, ofwel natte hooilanden tjokvol prachtig bloeiende planten, vogels, vlinders en sprinkhanen.

Kaart: Geelkercken, 1651 (links is zuid en rechts is noord)